Een bezoek aan een hindoetempel is ook een inleiding tot een enorm godenpantheon. De meeste hindoes zullen je vertellen dat ze in één god geloven, ook al lijkt het dat er duizenden goden bestaan. Als je daarnaar vraagt dan krijg je vaak als antwoord dat de veelheid aan vormen gezien moet worden als de vlakjes van een diamant. Valt een lichtstraal op de verschillende vlakjes dan zal er iedere keer een ander facet van de diamant oplichten, maar het blijft dezelfde diamant. Hier zal nu aandacht worden besteed aan een paar belangrijke goden uit het hindoeïsme: Brahma, Shiva, Vishnoe, Ganesha. In het westen is men vaak bekend met de hindoe drie-eenheid Brahma-Vishnoe-Shiva. Brahma wordt echter nauwelijks vereerd, omdat hij te abstract is, geen vorm aanneemt en nauwelijks spannende mythen heeft gecreëerd. In heel India staat maar één tempel die aan Brahma is gewijd, in Pushkar (Rajasthan). Brahma is de schepper van het universum en wordt afgebeeld met vier hoofden. Sarasvati is eerst de dochter van Brahma, maar wordt in latere tijden ook beschreven als zijn vrouw. Zij wordt beschouwd als de godin van de kunsten en wordt meestal afgebeeld met een snaarinstrument in haar handen.

